De ecokathedraal in Mildam, de favoriet van Liesbeth

Liesbeth Paardekooper’s oplaadplek is het land-artproject, de Ecokathedraal op de Yntzelaan in Mildam. Het is een terrein van een paar hectare groot met een driehoekige toegangspoort als entree. Daarna een jungle-achtig landschap met het ene na het ander bouwsel van op elkaar gestapelde stenen. Het project is in de jaren zeventig gestart door kunstenaar, filosoof en landschapsarchitect Louis le Roy (1924-2012) die er tot late leeftijd als een bezetene aan gewerkt heeft. ‘De eerste keer dat ik er kwam, voelde het alsof ik een oude beschaving ontdekte’, vertelt Liesbeth, ‘alsof ik een van de eerste ben die het ziet en helemaal vrij ben om te doen en laten wat ik wil. De kunstwerken komen verwilderd over, de stenen zijn met onkruid begroeid en je hoort er niets anders dan vogels. De wildernis is ook verrassend omdat het in een rustig villawijkje ligt. Ik kom er niet zo vaak; het ligt best ver van mijn woonplaats, maar ik laad er echt van op. Het is altijd open, schoon en rustig, zelfs in het hoogseizoen. Je kunt er zo even naar binnenlopen. Geen koffietentje of entree. Het ligt er meestal prettig verlaten bij.’

 

Relatie met de kaarten van de Atlas LO

Kaarten Atlas Leefomgeving

De geluksfactoren die Liesbeth noemt zijn: wildernis/onaangeharkt, puur natuur, kunst, stilte en vogels. Daarnaast vertelt ze dat het in een rustige woonwijk ligt. Eigenlijk zijn de factoren kunst en onaangeharkt/wild lastig te duiden met de kaarten van de Atlas LO of die van Groen Kapitaal. Dit natuurgebiedje is namelijk net te klein om goed te zien op de kaart. De soortendiversiteit (van rode lijstsoorten) lijkt ook niet anders dan in een gemiddelde woonwijk. Kortom in tegenstelling tot veel andere plekken is het geluksmoment hier lastig te relateren aan kaarten van de Atlassen.

Adres ecokathedraal: IJntzelaan, Mildam

 

Over de ecofilosofie van Louis le Roy

Naast dat de plek heerlijk is om te zijn, is de achterliggende filosofie en werkwijze van de kunstenaar minstens zo inspirerend. Zo wilde le Roy niet dat er cement wordt gebruikt. Hij wilde dat de bouwsels opgaan in de omgeving. In een interview vertelde hij: ‘Een kunstenaar mag geen eindwerk neerzetten maar moet een wisselwerking met de natuur én met anderen aangaan om zo de hoogste mate van complexiteit te bereiken’. Hij zocht anderen om mee te bouwen die daarbij ook hun eigen creaties mochten bedenken. Daarmee is de ecokathedraal dus nooit af. Het moest ook geen pretpark worden, vandaar dat er zo weinig bordjes zijn en ook geen koffiegelegenheid. Nee het gaat om “werk in uitvoering”. De filosofie overstijgt de plek: Le Roy zag voor heel Nederland projecten voor zich, vergelijkbaar met de ecokathedraal in Mildam, waarbij de mens dingen maakt en de natuur daarna de vrije hand krijgt. Zijn streven was om een tussenzone van zo’n 1 à 3 procent tussen de bebouwde kom en de natuur te creëren. Dat zou het welzijn van de mens ten goede komen, wat inderdaad goed voelbaar is op het terrein. Tot slot, ook niet onbelangrijk: hij had een idee over tijd: de bouwers gaan ter plekke voor een afgebakende periode aan het werk, maar zonder planning. Vanuit het vertrouwen dat op het moment zelf de ideeën ontstaan. Vandaar dat de organisatie die zijn werk na zijn dood voortzet Stichting Tijd heet.